Kristallisatie

Aan een in water opgelost zout (koperchloride) wordt een kleine hoeveelheid van de te onderzoeken substantie – of een extract daarvan – in vloeibare vorm toegevoegd. Het totaal wordt aangebracht in een kristallisatieschaaltje: een ronde glazen schijf van ongeveer 10 cm in doorsnede, waarop een rand van plexiglas is gekleefd. In een kristallisatiekamer wordt gedurende 12-16 uur het water verdampt bij een vrijwel constante temperatuur (±30.0°C) en relatieve luchtvochtigheid (±60%). Hierdoor kristalliseert het zout onder invloed van de onderzochte substantie en ontstaat het kristallisatiebeeld op de glazen schijf. Het zout fungeert hierbij slechts als medium: het vormt als het ware de basis waarin de te onderzoeken substantie zich kan uitdrukken.

Polariteit levenloos – vitaal

De kristallisatiemethode geeft een kwalitatieve indruk van de vitaliteit van het onderzochte object, hetgeen (ook) empirisch blijkt. Hierbij staat de tegenstelling levenloos – vitaal centraal. Levenloze beelden hebben veelal rechte, weinig vertakkende, verstijfde structuren. Vitale beelden daarentegen tonen boomvormig vertakte, beweeglijke, organische structuren. In de onderstaande figuur zijn twee sprekende voorbeelden van deze polariteit weergegeven.

Deze polariteit wordt ondermeer teruggevonden in de tegenstelling ziek versus gezond (b.v. de melk van zieke t.o.v. de melk van gezonde koeien) of in de tegenstelling van synthetische versus natuurlijke producten (b.v. babypoedermelk vs. moedermelk).

Vitaal (links) en levenloos (rechts) beeld.

Onrijp, rijp en overrijp

Een tegenstelling die in de praktijk veel terugkomt is het verschil tussen onrijpe, rijpe en overrijpe producten. In de onderstaande figuur zijn segmenten van kristallisatiebeelden van onrijpe, rijpe en overrijpe aardbeien te zien. Het onrijpe beeld is het fijnst, alsof zich nog iets moet vormen. Het rijpe beeld is het meest gevormd, het heeft de meeste structuur en is het meest evenwichtig. Het overrijpe beeld laat het verdwijnen van structuren zien, de takken worden weer smaller en er ontstaan overal gaten tussen de takken. Het krijgt iets skelet-achtigs.

Onrijpe (boven links), rijpe (onder) en overrijpe (boven rechts) aardbei.

Uitgevoerde opdracht: Hop

Er volgt nu een voorbeeld van een experiment dat ik voor een klant heb uitgevoerd. Ik ontvang alle samples altijd gecodeerd in mijn lab. Het enige wat ik wil weten is wat er in grote lijnen vergeleken wordt. Bij het hop onderzoek wist ik alleen dat er 3 verschillende biologische hop samples onderzocht werden.

Drie kristallisatiebeelden van hop samples zijn weergegeven in de onderstaande figuur. Het betreft verse hop van een oude plant, verse hop van een jonge plant en een oud hop sample dat 3 jaar vacuüm verpakt bewaard was. De beelden weerspiegelen deze kenmerken van de hop samples. Zo toont het oude vacuüm verpakte sample duidelijk de kenmerken van een levenloos beeld (zie rechter figuur onder kopje “Polariteit levenloos-vitaal”). De hop van de oude plant laat meer organische structuren zien, maar in de overgang naar de rand toe zijn er verstijvingen en vallen er (op een onevenwichtige manier) gaten in het beeld. Dat zijn typische verouderingskenmerken. De hop van de jonge plant tenslotte, laat een organisch, harmonisch, evenwichtig beeld zien.

Vacuüm verpakte hop (boven links), jonge plant (boven rechts) en oude plant (onder).

Biologisch-dynamisch, biologisch en gangbaar

Het dient in de eerste plaats opgemerkt te worden, dat het moeilijk is gangbare, biologische en biologisch-dynamische producten met elkaar te vergelijken, omdat er zoveel parameters kunnen variëren. Er zijn veel experimenten nodig om tot gedegen uitspraken te kunnen komen. Zo blijkt bijvoorbeeld dat een biologisch-dynamisch of biologisch product niet altijd beter is dan een gangbaar product. Juist bij kwaliteitsproducten zoals olijfolie of wijn, waar de boer vaak kleinschalig, met veel kennis van zaken en met aandacht en liefde voor zijn product te werk gaat, kan de gangbare boer tot heel mooie resultaten komen. Maar als we te maken krijgen met schaalvergroting, grote hoeveelheden kunstmest en gif, en zeker als dat gecombineerd wordt met substraatteelt en kunstlicht, dan kunnen enorme verschillen ontstaan tussen gangbare en biologische producten. Zelfs zo, dat je de mensen zou willen ontraden dat soort gangbaar voedsel te eten. Daarbij zij gezegd, dat schaalvergroting op zich niet noodzakelijkerwijs tot een lagere kwaliteit voedsel moet leiden, maar dat de manier waarop dat meestal plaatsvindt dat wel met zich mee brengt. We zien tegelijkertijd overigens ook dat met de weinige voorwaarden die aan biologische producten gesteld worden, er in de biologische landbouw niet altijd vitale producten tot stand komen. De ervaring leert dat dit vooral het geval is voor de relatief goedkope biologische producten. Dit alles gezegd zijnde, kan de aan vele experimenten gewonnen ervaring uitgesproken worden, dat biologische producten over het algemeen veel beter zijn dan gangbare producten, en biologisch-dynamische producten over het algemeen weer beter zijn dan biologische producten. Er volgt nu een voorbeeld van een gangbare t.o.v. een biologische tomaat.

De biologische tomaat toont een zeer harmonieus beeld dat een geheel vormt, d.w.z. waarbij de verschillende delen van het beeld in relatie tot elkaar staan. Ook lijkt het centrum van het beeld de regie over een groot deel van het beeld te hebben. Het beeld van de gangbare tomaat is daarentegen niet herkenbaar als het beeld van een tomaat. In het centrum van het beeld zien we dicht op elkaar liggende naalden. Dit geeft aan dat er niet voldoende kracht is om structuren (bijvoorbeeld takken) te doen ontstaan. Verder zien we dat de verschillende buiten het centrum zichtbare takken absoluut niet met elkaar verbonden zijn, het hele beeld vormt een onsamenhangend, krachteloos geheel. Het kristallisatiebeeld van deze gangbare tomaat is een typisch voorbeeld van de invloed van kunstlicht, substraatteelt en massaproductie op de kwaliteit van het voedsel.

Gangbare (links) en biologische (rechts) tomaat.